De ontbrekende onderlaag
Coachen op de onderstroom
Waarom je met al je certificaten toch blijft ‘zwemmen’ als coach
Je kent het GROW-model uit je hoofd, je weet hoe je STAR moet toepassen, de stappen van SMART kun je dromen en je hebt je verdiept in NLP-technieken. Je gereedschapskist is gevuld, de certificaten zijn binnen. En toch gebeurt het.
Je zit in een sessie, het gesprek wordt écht spannend, van alle emoties krijg jij de zenuwen of je cliënt blokkeert volledig. In gedachten grijp je naar je modellen. Wat te kiezen? Ondanks al die aangeleerde tools, voel je dat je aan het ‘zwemmen’ bent. Niets lijkt te passen op de complexe realiteit die zich voor je neus afspeelt.
Als je dit herkent, raak je de kern van een groot probleem dat bij veel coaches optreedt. Er mist iets fundamenteels in opleidingen en de standaard vakliteratuur over coaching.
De tekortkoming van de boeken: De “IKEA-methode”
Veel opleidingen en handboeken benaderen coaching als een bouwpakket. Het is een mechanisch wereldbeeld: als je stap A doet, volgt stap B, en krijg je resultaat C.
Het fundamentele probleem met deze benadering is dat het ervan uitgaat dat de cliënt een soort defect apparaat is, dat met de juiste schroevendraaier (de tool) gerepareerd kan worden. De boeken beschrijven de instrumenten met stappenplannen tot in den treure.
Je leert hoe je de snaren van de gitaar moet aanslaan. Maar wat er wordt vergeten is de harmonie van het spek en de akoestiek van de ruimte waarin gespeeld wordt. Je leert niet hoe je luistert naar de resonantie van beide delen. Wat vergeten wordt is dat een mens is black-box is van allerlei door elkaar lopende emotionele, fysieke en mentale en systemische processen. Een ook gaat men voorbij aan het feit dat een menselijk gesprek is nooit lineair is; het is vloeibaar, energetisch en onvoorspelbaar.
De zoektocht naar de ware ‘onderligger’
Veel coaches voelen intuïtief aan dat er een universele ‘onderligger’ moet zijn die het proces écht draagt. Die intuïtie is sterk en terecht. Maar er schuilt een gevaar in deze zoektocht. Als je zoekt naar een onderligger die ‘precies beschrijft wat er gebeurt’, dan loop je het risico dat je onbewust toch weer op zoek bent naar het volgende stappenplan. Het zoveelste nieuwe model.
De werkelijke onderligger is echter geen model. Het is geen ‘doen’, maar een staat van ‘zijn’. Als je vanuit een meer holistisch-systemische benadering kijkt naar coaching, missen de standaardmethodieken drie cruciale lagen die de échte bedding vormen voor transformatie.
De relationele ruimte: het tussenveld
Vele boeken en opleidingen focussen vaak op twee losse entiteiten: de coach en de cliënt. In werkelijkheid, in het coachgesprek, ontstaat er direct een derde entiteit: de relatie zelf.
Wat gebeurt er in de dynamiek en onderstroom tussen jullie? Waardoor en waarom word jij als coach bijvoorbeeld plotseling doodmoe, onrustig of geïrriteerd als de cliënt over een bepaald onderwerp praat? In de standaardmethodiek wordt dit vaak gezien als ‘ruis’ die je moet parkeren. In een diepere benadering is dit juist cruciale informatie. Jouw systeem resoneert met het systeem van de cliënt. Het is geen ruis, het is data. Input om direct te gebruiken in het gesprek.
De systemische ordening
Methodieken zoals NLP en GROW focussen sterk op het individu en diens doelen in het hier en nu. Wat vaak gemist wordt, is dat een individu nooit op zichzelf staat. Ieder mens is onderdeel van grotere systemen (familie, vrienden, organisatie, maatschappij, cultuur).
Als een cliënt niet beweegt, is dat zelden een simpel gebrek aan motivatie. Vaak is het een onbewust loyaliteitsconflict aan een systeem waartoe je cliënt behoort. Je kunt leren te kijken naar de vis en hoe die sneller kan zwemmen. De systemische onderligger leert je kijken naar het water waarin de vis zwemt.
Anders gezegd. Een cliënt weet zelf vaak wat de oplossing is voor een vraagstuk, toch lukt het niet om daar te komen. Wat houdt je cliënt tegen? Waar zit de spanning? Waar zit de systemische knoop?
De belichaamde aanwezigheid: holisme
De meeste coachmethodieken zijn erg ‘hoofdig’. Je bent cognitief bezig met analyseren: ‘Welke krachtige vraag moet ik nu stellen volgens het model?’ Welke kleur past bij de uitingen van mijn cliënt? Weten welke stap je ‘moet’ doen kan mogelijk iets helpen maar echte werking gaat over belichaming.
Als je alleen vanuit je hoofd coacht, blijf je aan de oppervlakte. De diepe laag ontstaat pas als de coach durft te ‘leunen’ in het niet-weten. Als je kunt toelaten wat er zich onder je ogen zich afspeelt. Als je durft te vertrouwen op wat zich in het moment aandient, zonder direct naar een oplossing te grijpen. Als je durft je lichaam als thermometer van het gesprek en wat er plaatsvindt in te zetten.
Conclusie: van inhoud naar dynamiek
De waarde van een goede coachopleiding zit niet alleen in de zoveelste uitleg van hoe je een open vraag stelt en welke stap je doet. Dat staat inderdaad al in duizend boeken. Het verschil wordt gemaakt door te leren kijken naar en te werken met de dynamiek in de relatie in plaats van naar de inhoud.
Het gaat niet om de vraag: ‘Hoe stel ik een SMART-doel?’ Het gaat om de vraag: ‘Wat gebeurt er voelbaar in de ruimte als we het over een doel hebben? Wie of wat wordt er op dat moment buitengesloten?’
De cruciale vraag voor elke coach die verdieping zoekt is deze: Durf je de tools weg te laten en eerst te leren ‘zijn’ bij de cliënt? Durf je te erkennen dat een gesprek daarover je cliënt echt verder helpt? Durf je te coachen op de onderstroom?
Ben jij klaar om te stoppen met ‘zwemmen’ en te leren varen op de onderstroom? Stap uit de IKEA-methode en ontdek de kracht van je eigen aanwezigheid als instrument.

